De gemeente levert verschillende prestaties of goederen, waarvoor via een retributie een vergoeding wordt gevraagd aan de afnemer.
In dit reglement worden de retributies opgenomen die te maken hebben met het thema "Ontspannen en ontwikkeling".
1. Uitleendienst: verplicht transport, annulatie en onzorgvuldige inlevering
De uitleen van materialen via de uitleendienst is kosteloos, maar er worden kosten aangerekend voor verplicht transport van bepaalde materialen, voor laattijdige annulering en voor onzorgvuldige inlevering.
Het transport en de onzorgvuldige inlevering vragen immers extra personeelsinzet. Daarnaast wil het bestuur bij onzorgvuldig gebruik of nalatigheid een duidelijk responsabiliserend signaal geven. In die gevallen wordt de werkelijke personeelskost verhoogd met vijfendertig procent (35 %) doorgerekend. Dat percentage is afgestemd op de korting van vijfendertig procent (35 %) die categorie B en C genieten bij gewone leveringen. Op die manier ontstaat een evenwichtige en consequente toepassing van de correctiefactoren: waar zorgvuldigheid wordt beloond, wordt onzorgvuldigheid proportioneel doorgerekend. Voor ondernemingen en andere besturen (categorie D en E) geldt bovendien dat van hen een hogere mate van zorg en professioneel handelen verwacht mag worden in het gebruik van gemeentelijke materialen.
De annulatiekost wordt ingevoerd omdat gereserveerde materialen op de dag van ontlening regelmatig ongebruikt in het magazijn achterblijven, hoewel er reeds personeelsinzet en voorbereidingstijd aan besteed is. Aangezien de druk op de uitleendienst hoog is, wil het bestuur met deze maatregel gebruikers stimuleren om tijdig te annuleren, zodat materialen nog aan andere aanvragers kunnen worden toegewezen en de inzet van gemeentelijke medewerkers efficiënter kan verlopen.
Om het systeem te vereenvoudigen en transparanter te maken, wordt de berekening voortaan gebaseerd op een gemiddelde personeelskost per rit, aangevuld met duidelijke correctiefactoren per doelgroep (A t.e.m. E). Dat zorgt voor meer duidelijkheid, transparantie en gelijke behandeling van alle gebruikers van de uitleendienst. Het is bovendien in de praktijk niet haalbaar om de effectieve personeelskost bij elke levering afzonderlijk te registreren, aangezien die sterk kan variëren door factoren zoals afstand, wachttijden of verkeersomstandigheden. Een gemiddelde personeelskost biedt daarom een realistische en billijke benadering, waarbij alle gebruikers eenzelfde tarief betalen voor vergelijkbare leveringen, ongeacht afstand of omstandigheden.
De te indexeren gemiddelde personeelskost voor 2026 bedraagt 33,60 euro per uur en wordt gebruikt om de retributie voor transport en onzorgvuldige inlevering te berekenen via een percentage dat verschilt per doelgroep:
De retributie voor transport is dus berekend op basis van de gemiddelde personeelskost, de correctiefactor zoals hierboven beschreven, en het gemiddeld aantal werkuren voor het artikel of de artikelset. Voor materialen zoals rijplaten, verstelbare podiumelementen en verankeringsblokken geldt een vaste leverkost per schijf van maximaal zes, acht of tien stuks: (het maximum dat binnen één rit kan worden vervoerd.
2.Ambulante handel op openbare markten
Aangezien de organisatie van ambulante handel op de openbare markt enerzijds kosten met zich meebrengt voor het bestuur en anderzijds eenzijdig economisch voordeel oplevert voor standhouders, is het opportuun om voor deze standplaatsen een vergoeding te vragen.
3. Ambulante handel op het openbaar domein buiten de openbare markt
Buiten de openbare markt worden ook aanvragen ingediend voor het uitoefenen van ambulante handel op het openbaar domein. Aangezien de organisatie van deze ambulante handel enerzijds kosten met zich meebrengt voor het bestuur en anderzijds eenzijdig economisch voordeel oplevert voor standhouders, is het opportuun om ook voor deze standplaatsen op het openbaar domein een vergoeding te vragen.
4. Feestmarkten
Het gemeentebestuur organiseert jaarlijks volgende feestmarkten:
Aangezien de organisatie van deze feestmarkten enerzijds kosten met zich meebrengt voor het bestuur en anderzijds eenzijdig economisch voordeel oplevert voor standhouders, is het opportuun om ook voor deze standplaatsen een vergoeding te vragen.
5. Kermisattracties op openbaar domein
Omdat de organisatie van kermissen enerzijds een werklast voor de gemeente met zich meebrengt en anderzijds eenzijdig economisch voordeel oplevert voor standhouders, is het verantwoord een retributie te heffen kermisattracties op het openbaar domein.
6. Visvergunningen voor de gemeentelijke visputten
De gemeentelijke visputten worden uitgebaat door de Vereniging van Belgische Karpervissers vzw (VBK) in op opdracht van de gemeente. Een visvergunning kan gekocht worden via de gemeente, of digitaal via VBK.
Op vraag van VBK worden enkele kleine prijsaanpassingen ingevoerd voor de -16 JEUGD en niet-inwoners van Beerse. Het afgelopen jaar werden ongeveer 200 patenten verkocht, ongeveer 25% aan inwoners van de gemeente. Er zijn een 30-tal stekken die goed visbaar zijn. Door de prijs voor niet-inwoners te verhogen, krijgen eigen inwoners mogelijk wat meer ruimte en liggen de prijzen meer in de lijn van de omliggende gemeenten. Ook zou de jeugd -16 gratis kunnen vissen met 1 hengel indien ze vergezeld zijn van een volwassen vergunninghouder.
7.Ticketverkoop voor derden
Vaart wordt regelmatig gevraagd om tickets te verkopen voor activiteiten van derden. Door een billijke administratieve kost aan te rekenen, kan een deel van de kosten voor onderhoud en beheer van de webshop gerecupereerd worden. Deze regeling past ook in de samenwerkingsmodellen die Vaart met verschillende partners wil aangaan om het podiumprogramma mee vorm te geven.
In 2023 werd gekozen om de kost zo laag mogelijk te houden en om die aan te rekenen aan de ticketkoper en niet aan de organisator, omdat dat de meest efficiënte manier van werken is. De 0,50 euro die toen bepaald werd, was eerder symbolisch. Sinds het onderzoeken van de overstap naar de ticketingsoftware Tixly weten we dat de vaste kost per ticket 0,54 euro zal bedragen. Omdat verwacht wordt dat die kost jaarlijks stijgt maar om er eenvoudige afspraken over te kunnen maken met derden, wordt de servicekost per ticket op 0,75 euro vastgelegd voor deze beleidsperiode en tussentijds niet geïndexeerd.
8. Verkoop van toeristische uitgaven
Aan de balie Vaart/bibliotheek worden een aantal toeristische publicaties van derden verkocht. De publicaties hebben een vaste verkoopprijs, door de uitgever bepaald. Die prijs wordt doorgerekend aan de koper.
9. Verkoop van streekgebonden producten
Aan de balie Vaart/bibliotheek wordt het streekproduct Beers Vlierke verkocht. De verkoopprijs wordt vastgelegd in het retributiereglement.
10. Gebruik van lokalen in de gemeentelijke basisscholen door externe therapeuten
Therapeuten die een lokaal van de school gebruiken, genieten een voordeel ten opzichte van therapeuten die dat niet doen. Daarom wordt een retributie aangerekend. Het directiecollege van de Scholengemeenschap Beerse stelt voor de billijke vergoeding van 5 euro per begonnen uur met ingang van 1 januari 2026 te wijzigen naar 5 euro per begonnen half uur. Er wordt maximaal een half uur therapie per week per leerling gegeven. De bestaande afsprakennota met betrekking tot het gebruik van lokalen in de gemeentelijks basisscholen door externe therapeuten, goedgekeurd in de gemeenteraad op 21 december 2017, blijft ongewijzigd van kracht.
Vergoeding
De retributies worden voorgesteld uit overwegingen van billijkheid ten aanzien van derden die geen gebruik wensen te maken van de geleverde diensten. Het gaat om een redelijke vergoeding van de prestaties die zoveel mogelijk de werkingskosten dekt.
Indexering
Op verschillende retributies wordt een jaarlijkse indexering toegepast om de algemene stijging van het prijspeil en de werkingskosten van de gemeente te volgen.
Een aantal retributies wordt niet jaarlijks geïndexeerd:
De geïndexeerde tarieven worden afgerond voor zaken die ook nog cash betaald kunnen worden. Dat is het geval voor de retributies voor ambulante handel, feestmarkten en kermisattracties.
Bart Smans, schepen van financiën, geeft toelichting bij dit agendapunt.
Wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en organisatie van ambulante en kermisactiviteiten.
Besluit 'Externe therapeuten op school - Afsprakennota' goedgekeurd door de gemeenteraad op 21 december 2017.
Besluit 'Beheer visvijvers door Vereniging voor Belgische Karpervisser (VBK) - Overeenkomst en reglement Gemeentewaters Beerse 2025', goedgekeurd door de gemeenteraad op 28 augustus 2025.
Reglement 'Erkennen van verenigingen', goedgekeurd door de gemeenteraad op 18 december 2025.
Reglement 'De ontlening van materialen via de uitleendienst', goedgekeurd door de gemeenteraad op 18 december 2025.
Reglement 'Ambulante activiteiten', goedgekeurd door de gemeenteraad op 18 december 2025.
Reglement 'Kermisactiviteiten en ambulante activiteiten in kermisgastronomie', goedgekeurd door de gemeenteraad op 18 december 2025.
Kermiscommissie op 4 november 2025. Dit advies heeft betrekking op de retributie op kermisattracties op openbaar domein.
Dit advies heeft betrekking op de retributies voor de uitleendienst.
Dit advies heeft betrekking op de retributies voor de uitleendienst.
Dit advies heeft betrekking op de retributies voor de uitleendienst.
Uitleendienst: verplicht transport, annulatie en onzorgvuldige inlevering
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het verplichte transport van grote materialen, laattijdige annulering, laattijdige inlevering en inlevering in onzorgvuldige staat van gemeentelijke uitleendienstmaterialen.
Het gebruik van het materiaal zelf is kosteloos. Materialen die niet op de retributielijst voor verplicht transport staan, moeten worden getransporteerd door de gebruiker.
§2 De retributie wordt vastgesteld op de bedragen vermeld onder hoofdstuk 1 van de bijlage bij dit besluit.
De gehanteerde categorieën (de 'doelgroepen') zijn vastgelegd en omschreven in het reglement op de ontlening van gemeentelijke materialen via de uitleendienst.
§3 De retributie is van toepassing op de gebruikers van de gemeentelijke uitleendienst, zoals bepaald in het reglement op de ontlening van gemeentelijke materialen via de uitleendienst. Gebruikers uit doelgroep A zijn vrijgesteld van deze retributie. De retributie van de andere doelgroepen wordt geïnd via een factuur. Betaling gebeurt per overschrijving binnen de vermelde termijn. Bij laattijdige betaling volgen herinneringskosten of invordering.
De gebruiker betaalt de retributie die geldt op het moment van gebruik, ook als die duurder is dan de prijs op het moment van reservatie.
§4 Betwistingen over de toepassing van deze tarieven worden behandeld door het college van burgemeester en schepenen, na advies van de betrokken dienst.
§5 Voor reservaties die tot en met 18 december 2025 al bevestigd werden, gelden nog de retributietarieven zoals bepaald in het retributiereglement op de uitleendienst, goedgekeurd door de gemeenteraad op 22 december 2022.
Artikel 2
Ambulante handel op openbare markten
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het innemen van een standplaats op de wekelijkse markt.
§2 De retributie wordt vastgesteld op de bedragen vermeld onder hoofdstuk 2 van de bijlage bij dit besluit.
§3 De retributie voor de abonnementshouders wordt geïnd door het gemeentebestuur na verzending van een factuur per kwartaal.
De retributie voor de risicohandelaars wordt geïnd door de daartoe aangestelde gemeentebeambte tegen afgifte van kostenbewijs.
Het bewijs van betaling moet op elk verzoek van de aangestelde gemeentebeambte vertoond worden.
§4 De retributie is opeisbaar op het moment dat de standplaats wordt ingenomen. In geval van een abonnement moet de retributie betaald worden voor de aanvang van het kwartaal waarin de standplaats wordt ingenomen.
De betaalde retributies blijven verworven voor het gemeentebestuur, ongeacht of de betrokken standplaatsen werkelijk werden ingenomen of niet.
Enkel de afschaffing van de standplaats door het gemeentebestuur, kan aanleiding geven tot een teruggave van een evenredig gedeelte van de vereffende standplaatsvergoeding.
§5 De betaling van de plaats geeft aan de gebruiker voor de ganse duur van de markt de persoonlijke beschikking over de plaats waarvoor het recht gevorderd is. Het innemen van de plaats gebeurt op eigen risico.
Artikel 3
Ambulante handel op het openbaar domein buiten de openbare markt
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het innemen van een standplaats op het openbaar domein buiten de openbare markt voor het uitoefenen van ambulante handel.
§2 De retributie wordt vastgesteld op de bedragen vermeld onder hoofdstuk 3 van de bijlage bij dit besluit.
Daarbij wordt als regelmatige handelaar beschouwd: de handelaar die wekelijks of maandelijks een standplaats op het openbaar domein buiten de openbare markt inneemt.
Daarbij wordt als occasionele handelaar beschouwd: de handelaar die slechts eenmalig of zonder vaste regelmaat een standplaats op het openbaar domein buiten de openbare markt inneemt.
§3 De retributie is verschuldigd door de regelmatige handelaars en wordt geïnd door het gemeentebestuur na verzending van een factuur per kwartaal.
De retributie is verschuldigd door de occasionele handelaars en wordt geïnd door het gemeentebestuur na verzending van een factuur voor de periode waarin ze gebruikmaken van de standplaats.
Het bewijs van betaling moet op elk verzoek van de aangestelde vertoond worden.
§4 De retributie is opeisbaar vanaf het moment dat de standplaats wordt ingenomen. In geval van een abonnement moet de retributie betaald worden voor de aanvang van het kwartaal waarin de standplaats wordt ingenomen.
De betaalde retributies blijven verworven voor het gemeentebestuur, ongeacht of de betrokken standplaatsen werkelijk werden ingenomen of niet.
Enkel de afschaffing van de standplaats door het gemeentebestuur kan aanleiding geven tot een teruggave van een evenredig gedeelte van de vereffende standplaatsvergoeding.
§ 5 De betaling van de plaats geeft aan de gebruiker, tijdens de dagen en uren waarop toestemming verleend werd, de persoonlijke beschikking over de plaats waarvoor het recht gevorderd is. Het innemen van de plaats gebeurt op eigen risico.
Artikel 4
Feestmarkten
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op deelname aan feestmarkten die door het lokaal bestuur georganiseerd worden.
§2 De retributie wordt vastgesteld op de bedragen vermeld onder hoofdstuk 4 van de bijlage bij dit besluit.
§3 De vereniging of handelaar die wenst deel te nemen, moet zich vooraf inschrijven. De retributie is verschuldigd door de deelnemer en wordt geïnd door het gemeentebestuur na verzending van een factuur voor de feestmarkt.
Het bewijs van betaling moet op elk verzoek van de aangestelde vertoond worden.
§4 Kosteloos annuleren kan door binnen de 15 dagen volgend op de factuurdatum de dienst markten en kermissen schriftelijk op de hoogte te brengen. Facturen die niet binnen deze termijn geannuleerd worden, blijven betaalbaar.
§5 De betaling van de plaats geeft aan de gebruiker, tijdens de feestmarkt, de persoonlijke beschikking over de plaats waarvoor het recht gevorderd is. Het innemen van de plaats gebeurt op eigen risico.
Artikel 5
Kermisattracties op openbaar domein
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het innemen van een standplaats tijdens Beerse Kermis en wordt een forfaitaire kost gevestigd voor het mogen achterlaten van restafval in de daarvoor voorziene container voor de deelnemers van Vlimmeren Kermis, Den Hout Kermis en voor de deelnemers van Beerse Kermis.
§2 De retributie wordt voor de gehele duur van de kermis vastgesteld op de bedragen vermeld onder hoofdstuk 5 van de bijlage bij dit besluit.
§3 De retributie is verschuldigd door de exploitant aan wie de standplaats wordt toegewezen en wordt geïnd door het gemeentebestuur na verzending van een factuur. Deze moet voldaan worden voor aanvang van de kermis.
§4 De betaalde retributies blijven verworven voor het gemeentebestuur, ongeacht of de betrokken standplaatsen werkelijk werden ingenomen of niet.
Enkel de afschaffing van de standplaats door het gemeentebestuur, kan aanleiding geven tot een teruggave van een evenredig gedeelte van de vereffende standplaatsvergoeding.
§5 De betaling van de plaats geeft aan de gebruiker voor de ganse duur van de kermis de persoonlijke beschikking over de plaats waarvoor het recht gevorderd is. Het innemen van de plaats gebeurt op eigen risico.
Artikel 6
Visvergunningen voor de gemeentelijke visputten
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het afleveren van visvergunningen voor de gemeentelijke visputten.
§2 De retributie wordt vastgesteld op het bedrag vermeld onder hoofdstuk 6 van de bijlage bij dit besluit.
Het 'speciaal tarief' geldt op voorlegging van een bewijs van het ziekenfonds, waarvan een kopie bij de aanvraag moet worden gevoegd.
Wie jonger is dan 16 jaar, met 1 hengel vist en vergezeld is van een volwassen vergunninghouder, is vrijgesteld van vergunning.
§3 De retributie is verschuldigd door de aanvrager en kan betaald worden bij de gemeente tegen aflevering van de vergunning waarop het betaalde bedrag vermeld is, of kan digitaal aangevraagd worden via de Vereniging van Belgische Karpervissers die de geïnde gelden terugstort aan de gemeente.
Artikel 7
Ticketverkoop voor derden
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op de verkoop van tickets voor activiteiten van derden (verenigingen, organisaties, commerciële partners, ...), die wordt aangerekend als administratieve kost.
§2 De retributie wordt vastgesteld op het bedrag vermeld onder hoofdstuk 7 van de bijlage bij dit besluit.
§3 De retributie is verschuldigd door de koper van het ticket en wordt geïnd bij de aankoop van het ticket.
Artikel 8
Verkoop van toeristische uitgaven
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het afleveren van toeristische publicaties.
§2 De retributie wordt vastgesteld op het bedrag vermeld onder hoofdstuk 8 van de bijlage bij dit besluit.
§3 De retributie is verschuldigd door de persoon die de uitgave vraagt en wordt geïnd door de baliemedewerker van de bibliotheek/Vaart.
Artikel 9
Verkoop van streekgebonden producten
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op de verkoop van streekgebonden producten.
§2 De retributie wordt vastgesteld op het bedrag vermeld onder hoofdstuk 9 van de bijlage bij dit besluit.
§3 De retributie is verschuldigd door de koper van het product en wordt geïnd door Vaart tegen afgifte van een betalingsbewijs.
Artikel 10
Gebruik van lokalen in de gemeentelijke basisscholen door externe therapeuten
§1 Van 1 januari 2026 tot 31 december 2031 wordt een retributie geheven op het niet-bestendig gebruik door externe therapeuten van een lokaal in de volgende gemeentelijke basisscholen:
§2 De retributie wordt vastgesteld op het bedrag vermeld onder hoofdstuk 10 van de bijlage bij dit besluit.
§3 De retributie is verschuldigd door de externe therapeut en wordt geïnd door de dienst financiën na verzending van een factuur.
Artikel 11
Indexering
§1 De bedragen, vermeld in de bijlage bij dit besluit, worden vanaf 2027 jaarlijks op 1 januari geïndexeerd volgens deze formule:
(basisbedrag 2026 x gezondheidsindex juni voorafgaand aan het aanslagjaar) / gezondheidsindex juni 2025.
§2 De indexering vermeld in §1 wordt niet toegepast op volgende bedragen, vermeld in de bijlage bij dit besluit:
§3 Bepaalde geïndexeerde bedragen worden afgerond volgens deze afrondingsregels:
| Van | Tot | Afronding naar dichtstbijzijnde |
| 0,50 euro | 20,00 euro | 0,5 euro |
| 20,00 euro | 100,00 euro | 1,00 euro |
| 100,00 euro | 1.000,00 euro | 5,00 euro |
| 1.000 euro | 10,00 euro |
De afronding wordt enkel toegepast op volgende bedragen, vermeld in de bijlage bij dit besluit:
Artikel 12
Opheffing
§1 Het retributiereglement op de uitleendienst, goedgekeurd door de gemeenteraad op 22 december 2022, wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.
§2 Het retributiereglement 'Toegangsgelden voor sportinfrastructuur: gemeentelijke visputten', goedgekeurd door de gemeenteraad op 17 december 2020, wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.