Op 22 december 2022 keurde de gemeenteraad een vernieuwd subsidiereglement goed, dat zich baseert op de Brede toekomstverkenning voor Visie 2340 en de visie Ondersteuning van verenigingen.
Het volledige reglement en de timing voor aanvragen is gebruiksvriendelijker en minder complex gemaakt.
Vandaag is het reglement nog steeds de basis waarop subsidies worden verdeeld. Met de omschakeling van de legislatuur, nemen we het reglement opnieuw onder de loep en leggen deze voor aan de gemeenteraad ter goedkeuring.
Het huidige reglement is nog actueel en vormt vandaag nog steeds een vertrouwde basis voor de verwerking van subsidies binnen cultuur. Toch stellen we graag enkele aanpassingen voor vanuit het werkveld en voegen we een index-aanpassing toe op de werkingssubsidies. Omdat door de indexeringen de bedragen jaarlijks wijzigen, werden deze uit het reglement gehaald. Zodoende blijft het reglement actueel, ook na de jaarlijkse te herziening. De actuele bedragen worden opgenomen in een aparte bijlage aan dit reglement.
Het subsidiereglement ter ondersteuning van het socio-culturele gemeenschapsleven werd herwerkt.
Mevrouw Lili Jansen, schepen van Vaart, geeft toelichting bij voorliggend agendapunt.
Gunstig advies op 15 oktober 2025
De gemeenteraad geeft goedkeuring aan het subsidiereglement als volgt, met ingang van 1 januari 2026:
Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen
Artikel 1
In dit reglement gelden volgende definities:
Artikel 2
Met dit subsidiereglement voorziet het gemeentebestuur de financiële ondersteuning van verenigingen en individuen die, zonder persoonlijk winstbejag, een eenmalige of regelmatige bijdrage leveren aan het culturele gemeenschapsleven op het grondgebied van de gemeente. De subsidies worden toegekend na advies van de cultuurraad en binnen de perken van de kredieten die het gemeentebestuur vastlegt in het meerjarenplan en het budget.
De cultuurraad zelf ontvangt jaarlijks een financiële ondersteuning van 1000 euro voor haar eigen werking.
Artikel 3
§1. De financiële ondersteuning kan verschillende vormen aannemen, die in dit reglement worden beschreven:
De bedragen gekoppeld aan bovenstaande categorieën en het bedrag vermeld in artikel 2 worden jaarlijks aangepast aan de index volgens deze formule:
(basisbedrag 2026 zoals opgenomen in dit reglement x gezondheidsindex juni voorafgaand aan het jaar waarin de subsidie wordt toegekend) / gezondheidsindex juni 2025.
De bedragen zijn steeds minimaal gelijk aan het bedrag van het afgelopen werkjaar.
§2. Daarnaast kan het gemeentebestuur ook ondersteuning bieden op vlak van materiaal, logistiek en digitale promotie en communicatie of in de vorm van kortingen.
Artikel 4
Het gemeentebestuur focust bij het aanvragen en verkrijgen van ondersteuning op overleg, zeker voor grotere projecten. De cultuurraad is daarbij de gesprekspartner die in dialoog gaat met de aanvrager en bekijkt hoe de aanvrager het best ondersteund wordt, zowel door toepassing van dit reglement als door gebruik van zijn netwerk en ervaring. Over de toepassing van dit reglement formuleert de cultuurraad na dialoog met de aanvrager telkens een advies aan het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 5
De aanvrager aanvaardt de controle van het gemeentebestuur en het advies van de cultuurraad in verband met de toepassing van dit reglement. Indien een aanvrager zich verzet tegen controle, wordt deze uitgesloten van toekomstige subsidiëring. Indien een subsidie werd toegekend op basis van onjuiste gegevens, kan het college van burgemeester en schepenen het uitgekeerde bedrag terugvorderen. Indien de subsidie nog niet werd uitgereikt op het moment van de vaststelling van onjuiste gegevens, kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om het bedrag niet uit te keren.
Artikel 6
Een vereniging kan geen subsidie ontvangen zolang ze schulden heeft ten opzichte van het gemeentebestuur.
Hoofdstuk 2: Ondersteuning voor starters
Artikel 7
Alle erkende culturele verenigingen waarvan de meerderheid van de initiatiefnemers inwoner zijn van Beerse, komen in aanmerking voor de ondersteuning voor starters.
Artikel 8
Met de ondersteuning voor starters biedt het gemeentebestuur een stimulans aan startende verenigingen of groeperingen, die een regelmatige bijdrage willen leveren aan het culturele gemeenschapsleven in de gemeente.
Artikel 9
De initiatiefnemers moeten hun aanvraag voor ondersteuning voor starters minimum vier maanden vóór de start van de initiatieven indienen. Een vereniging of groepering kan slechts één keer een aanvraag doen voor ondersteuning voor starters. De ondersteuning geldt daarbij maximaal twee opeenvolgende jaren.
Artikel 10.
Aan de volgende voorwaarden moet voldaan worden:
De cultuurraad gaat in dialoog met de aanvrager en bespreekt daarin verschillende mogelijke vormen van ondersteuning, rekening houdend met het financiële plan en de mogelijke eigen inbreng van de initiatiefnemers. Naast financiële ondersteuning kan het gemeentebestuur immers ook ondersteuning bieden in de vorm van zaalhuur en uitleendienst. De cultuurraad formuleert een advies aan het college van burgemeester en schepenen, dat beslist over toekenning van de ondersteuning voor starters.
Artikel 11
Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks een maximaal 1.500 euro voorzien voor de ondersteuning voor starters. Voor het ondersteuningsbedrag per aanvraag wordt maximaal 250 euro voorzien. Dit bedrag wordt verspreid over 2 jaar waarin een vereniging erkend is als een startende vereniging.
Hoofdstuk 3: Bestaans- en afdelingssubsidie
1. Bestaanssubsidie
Artikel 12
Alle erkende culturele verenigingen met een jaarprogramma komen in aanmerking voor de bestaanssubsidie.
Artikel 13
Met de bestaanssubsidie geeft het gemeentebestuur financiële uitdrukking van haar appreciatie voor het werk van de vrijwilligers in hun vereniging. Het bestuur wil de vereniging ook aansporen haar eigen werking te tonen om zo haar publiek te vergroten en te verbreden.
Artikel 14
Het gemeentebestuur waardeert elke erkende vereniging gelijk, daarom is ook de bestaanssubsidie voor elke vereniging gelijk.
De voorwaarden zijn:
Artikel 15
De subsidie bedraagt 250 euro en wordt toegekend en uitgekeerd uiterlijk 31 december volgend op de aanvraag.
2. Afdelingssubsidie
Artikel 16
Met de afdelingssubsidie ondersteunt het gemeentebestuur verenigingen die extra tijd en middelen investeren in een bepaald segment van hun leden, die aparte noden hebben en om een aparte aanpak vragen. Op die manier stimuleert de vereniging deelname van die bepaalde doelgroep aan haar activiteiten. Bij twijfel of een bepaalde afdeling van een vereniging in aanmerking komt voor de afdelingssubsidie, formuleert de cultuurraad een advies aan het college van burgemeester en schepenen, dat beslist over de toekenning.
Artikel 17
Om in aanmerking te komen voor een afdelingssubsidie, doet de vereniging een aanvraag uiterlijk 30 september. Ze dient daarbij het jaarprogramma van het afgelopen jaar in dat weergeeft welke activiteiten specifiek voor de afdeling georganiseerd werden. De vereniging geeft aan in welke mate de afdeling een afzonderlijke werking heeft en welke inspanningen ze levert om deelname aan de afdeling te stimuleren.
Artikel 18
Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks maximaal 1.500 euro voorzien voor de afdelingssubsidie. Het voorziene bedrag voor de afdelingssubsidie wordt gelijk verdeeld over de verenigingen met een afdeling, met een maximumbedrag van 250 euro per vereniging. De subsidie wordt toegekend en uitgekeerd uiterlijk 31 december volgend op de aanvraag.
Hoofdstuk 4: Projectondersteuning
Artikel 19
Alle verenigingen en individuele initiatiefnemers die inwoner zijn van Beerse, komen in aanmerking voor ondersteuning voor activiteiten voor een ruim publiek.
Artikel 20
Met deze ondersteuning stimuleert het gemeentebestuur evenementen en activiteiten voor een ruim publiek, die voldoen aan volgende basisvoorwaarden:
Artikel 21
Een activiteit die voldoet aan de basisvoorwaarden krijgt een ondersteuningsbedrag van 50 euro.
Artikel 22
De vereniging kan bovendien een bonus krijgen:
De bonussubsidie voor bezoekersaantal is niet cumulatief. De meest passende subsidie wordt weerhouden op basis van het aantal deelnemers/bezoekers aan het project.
De ondersteuningsbonussen voor deelnemersaantal en voor innovatie kunnen wel toegekend worden aan eenzelfde activiteit.
Artikel 23
Uiterlijk 30 september moeten de aanvragen voor de activiteiten van 1 september tot en met 31 augustus van het afgelopen werkjaar ingediend zijn.
Uiterlijk 31 december worden de subsidies uitbetaald.
Artikel 24
Het verlenen van ondersteuning voor activiteiten voor een ruim publiek betekent niet dat het gemeentebestuur zelf aan de organisatie van de activiteit deelneemt. Het gemeentebestuur kan dan ook niet aansprakelijk worden gesteld bij afgelasting, ongevallen, schade enzovoort.
Hoofdstuk 5: Investeringssubsidie
Artikel 25
Alle erkende cultuurverenigingen komen in aanmerking voor de investeringssubsidie. De aanvrager is verplicht om in zijn werking winstgevende activiteiten te organiseren, om met die winst te kunnen investeren in zijn vereniging.
Artikel 26
Met de investeringssubsidie steunt het gemeentebestuur de verenigingen bij het investeren en het maken van kosten die een grote impact hebben op de financiële draagkracht van de vereniging. Het gaat daarbij om aankoop, onderhoud of herstelling van patrimonium of materialen die noodzakelijk zijn om de werking van de vereniging te waarborgen/ te versterken.
Artikel 27
De aanvrager draagt zelf minstens 30% van de investering.
Artikel 28
Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks maximaal 6.300 euro voorzien voor de investeringssubsidie.
Artikel 29
Een vereniging kan het hele jaar door aanvragen indienen. De aanvragen worden verzameld en één keer per werkjaar beoordeeld. De beoordelingsperiode valt tussen 30 september en 30 november.
Nadat een vereniging een aanvraag doet voor een investeringssubsidie, gaat ze daarover in dialoog met de cultuurraad. Bij de aanvraag legt ze een motivatie en financiële raming van de investering voor, samen met een beschrijving van de financiële draagkracht van de vereniging, bewezen met een kasverslag van het laatste werkjaar, het kassasaldo en het laatste uittreksel van de bankrekeningen van de vereniging.
De cultuurraad doet een voorstel over verdeling van de eigen inbreng en subsidie op basis van het financieel verslag. De cultuurraad formuleert dit voorstel aan het college van burgemeester en schepenen, die beslist over toekenning van de investeringssubsidie.
Artikel 30
Nadat ze door het college van burgemeester en schepenen werd toegekend, wordt de investeringssubsidie uitbetaald na voorlegging van kostenbewijzen voor het toegekende bedrag. Wanneer de bewijsstukken voor 30 september worden voorgelegd, volgt uitbetaling uiterlijk 31 december. In het advies van de cultuurraad en de beslissing van het college van burgemeester en schepenen kan voorzien zijn dat de investeringssubsidie over meerdere jaren wordt gespreid.
Hoofdstuk 6: Cultuurpluim
Artikel 31
Alle erkende culturele verenigingen met een gevarieerd jaarprogramma die projectondersteuning aanvragen, kunnen genomineerd worden voor de Cultuurpluim.
Artikel 32
De Cultuurpluim is een extra ondersteuning voor de origineelste projecten van dat werkjaar, toegekend door de cultuurraad. De aanvrager motiveert bij zijn nominatie waarom het volgens hem gaat om een origineel project wat betreft concept, uitvoering, samenwerking, locatie enzovoort. De cultuurraad maakt per werkjaar één keer een selectie van de projecten die een cultuurpluim krijgen.
Artikel 33
Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks minimaal 500 euro voorzien voor de Cultuurpluim. De Cultuurpluim bedraagt maximaal 500 euro per project.
Hoofdstuk 7: Verdeling van het eventuele restbedrag en werkwijze bij tekorten
Artikel 34
Indien het bedrag dat in een bepaald jaar beschikbaar is voor subsidie niet volledig werd toegekend volgens de eerdere bepalingen in dit reglement, wordt het restbedrag niet als subsidie toegekend.
Artikel 36
Bij een eventueel tekort worden de vaste bedragen voor de bestaanssubsidies, afdelingssubsidies en projectsubsidies proportioneel verminderd.
Hoofdstuk 8: Slotbepalingen
Artikel 37
Dit reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2026.
Artikel 2
Het subsidiereglement "Ondersteuning van het socio-culturele gemeenschapsleven", goedgekeurd door de gemeenteraad op 22 december 2022, wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.