Terug
Gepubliceerd op 28/11/2025

2025_GR_00278 - Subsidiereglement - Ondersteuning van het socio-culturele gemeenschapsleven - Goedkeuring

Gemeenteraad
do 27/11/2025 - 20:15 Raadzaal Tempelhof
Datum beslissing: do 27/11/2025 - 21:03
Goedgekeurd
Dit besluit handelt over een Subsidie, premie, erkenning.

Samenstelling

Aanwezig

Freddy Smans; Bart Craane, burgemeester; Isabelle Druyts; Hans Woestenborghs; Ingrid Van Genechten, schepen; Nancy Snels, schepen; Dirk Proost; Jan Van Dijck; Ben Bols; Lili Jansen, schepen; Bart Smans, schepen; Annemie Guns, voorzitter Bijzonder Comité Sociale Dienst; Hanne Lenaerts; Inge Blondeel; Nelly Mols; Joeri Hoskens; Ingrid Crynen; Werner Maes; Quinte Jochems; Leo Bosch; Andrea Arcila Ramos; Erik Van den Wyngaert; Jeroen Bolckmans; Stefaan Conrardy; Elle Verwaest, algemeen directeur; Hans Luyckx, voorzitter

Secretaris

Elle Verwaest, algemeen directeur

Voorzitter

Hans Luyckx, voorzitter
2025_GR_00278 - Subsidiereglement - Ondersteuning van het socio-culturele gemeenschapsleven - Goedkeuring 2025_GR_00278 - Subsidiereglement - Ondersteuning van het socio-culturele gemeenschapsleven - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Op 22 december 2022 keurde de gemeenteraad een vernieuwd subsidiereglement goed, dat zich baseert op de Brede toekomstverkenning  voor Visie 2340 en de visie Ondersteuning van verenigingen.

Het volledige reglement en de timing voor aanvragen is gebruiksvriendelijker en minder complex gemaakt.

Vandaag is het reglement nog steeds de basis waarop subsidies worden verdeeld. Met de omschakeling van de legislatuur, nemen we het reglement opnieuw onder de loep en leggen deze voor aan de gemeenteraad ter goedkeuring. 

Argumentatie

Het huidige reglement is nog actueel en vormt vandaag nog steeds een vertrouwde basis voor de verwerking van subsidies binnen cultuur. Toch stellen we graag enkele aanpassingen voor vanuit het werkveld en voegen we een index-aanpassing toe op de werkingssubsidies. Omdat door de indexeringen de bedragen jaarlijks wijzigen, werden deze uit het reglement gehaald. Zodoende blijft het reglement actueel, ook na de jaarlijkse te herziening. De actuele bedragen worden opgenomen in een aparte bijlage aan dit reglement.  

Het subsidiereglement ter ondersteuning van het socio-culturele gemeenschapsleven werd herwerkt.

Mevrouw Lili Jansen, schepen van Vaart, geeft toelichting bij voorliggend agendapunt.

Regelgeving: bevoegdheid

dlb0027

Adviezen

Cultuurraad 15 oktober 2025 Gunstig advies

Gunstig advies op 15 oktober 2025

Regelgeving bevoegdheid

G - GR - Artikel 41 §1 23° van het decreet lokaal bestuur
<p>Artikel 41 &sect;1 23&deg; van het decreet lokaal bestuur: De gemeenteraad is bevoegd voor het vaststellen van subsidiereglementen en het toekennen van nominatieve subsidies</p> <div data-extension-version="1.0.4" id="ConnectiveDocSignExtentionInstalled">&nbsp;</div>

Besluit

De Gemeenteraad keurt eenparig het volgende besluit goed.
De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad geeft goedkeuring aan het subsidiereglement als volgt, met ingang van 1 januari 2026:


Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit reglement gelden volgende definities:

  • vereniging: een groep vrijwilligers die, zonder persoonlijk winstbejag, activiteiten organiseert voor een grotere groep mensen; het gaat zowel om verenigingen met rechtspersoon als feitelijke verenigingen;
  • erkende vereniging: een vereniging die door het gemeentebestuur van Beerse werd erkend en dus voldoet aan de voorwaarden in het gemeentelijke reglement voor het erkennen van verenigingen;
  • vereniging met een gevarieerd jaarprogramma: een vereniging die op regelmatige basis verschillende activiteiten per jaar organiseert voor haar eigen leden of voor een breder publiek;
  • individu: initiatiefnemer die kunst, performances, media, … toont voor een ruim publiek, vertrekkend vanuit een vrijwillig engagement, zonder economische doelstellingen of het streven naar persoonlijk winsten. 
  • culturele vereniging: vereniging die volgens het gemeentelijke reglement voor het erkennen van verenigingen werd ingedeeld in de sector 'cultuur'.
  • werkjaar: het cultureel werkjaar loopt van 1 september tot en met 31 augustus.

Artikel 2

Met dit subsidiereglement voorziet het gemeentebestuur de financiële ondersteuning van verenigingen en individuen die, zonder persoonlijk winstbejag, een eenmalige of regelmatige bijdrage leveren aan het culturele gemeenschapsleven op het grondgebied van de gemeente. De subsidies worden toegekend na advies van de cultuurraad en binnen de perken van de kredieten die het gemeentebestuur vastlegt in het meerjarenplan en het budget.

De cultuurraad zelf ontvangt jaarlijks een financiële ondersteuning van 1000 euro voor haar eigen werking.

Artikel 3

§1. De financiële ondersteuning kan verschillende vormen aannemen, die in dit reglement worden beschreven:

  • ondersteuning voor starters;
  • bestaanssubsidie;
  • afdelingssubsidie;
  • projectondersteuning;
  • investeringssubsidie;
  • cultuurpluim.

De bedragen gekoppeld aan bovenstaande categorieën en het bedrag vermeld in artikel 2 worden jaarlijks aangepast aan de index volgens deze formule:

(basisbedrag 2026 zoals opgenomen in dit reglement x gezondheidsindex juni voorafgaand aan het jaar waarin de subsidie wordt toegekend) / gezondheidsindex juni 2025.

De bedragen zijn steeds minimaal gelijk aan het bedrag van het afgelopen werkjaar. 

§2. Daarnaast kan het gemeentebestuur ook ondersteuning bieden op vlak van materiaal, logistiek en digitale promotie en communicatie of in de vorm van kortingen.

Artikel 4

Het gemeentebestuur focust bij het aanvragen en verkrijgen van ondersteuning op overleg, zeker voor grotere projecten. De cultuurraad is daarbij de gesprekspartner die in dialoog gaat met de aanvrager en bekijkt hoe de aanvrager het best ondersteund wordt, zowel door toepassing van dit reglement als door gebruik van zijn netwerk en ervaring. Over de toepassing van dit reglement formuleert de cultuurraad na dialoog met de aanvrager telkens een advies aan het college van burgemeester en schepenen.

Artikel 5

De aanvrager aanvaardt de controle van het gemeentebestuur en het advies van de cultuurraad in verband met de toepassing van dit reglement. Indien een aanvrager zich verzet tegen controle, wordt deze uitgesloten van toekomstige subsidiëring. Indien een subsidie werd toegekend op basis van onjuiste gegevens, kan het college van burgemeester en schepenen het uitgekeerde bedrag terugvorderen. Indien de subsidie nog niet werd uitgereikt op het moment van de vaststelling van onjuiste gegevens, kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om het bedrag niet uit te keren.

Artikel 6

Een vereniging kan geen subsidie ontvangen zolang ze schulden heeft ten opzichte van het gemeentebestuur.

 

Hoofdstuk 2: Ondersteuning voor starters

Artikel 7

Alle erkende culturele verenigingen waarvan de meerderheid van de initiatiefnemers inwoner zijn van Beerse, komen in aanmerking voor de ondersteuning voor starters.

Artikel 8

Met de ondersteuning voor starters biedt het gemeentebestuur een stimulans aan startende verenigingen of groeperingen, die een regelmatige bijdrage willen leveren aan het culturele gemeenschapsleven in de gemeente.

Artikel 9

De initiatiefnemers moeten hun aanvraag voor ondersteuning voor starters minimum vier maanden vóór de start van de initiatieven indienen. Een vereniging of groepering kan slechts één keer een aanvraag doen voor ondersteuning voor starters. De ondersteuning geldt daarbij maximaal twee opeenvolgende jaren.

Artikel 10.

Aan de volgende voorwaarden moet voldaan worden:

  • erkend zijn door de gemeente;
  • een duidelijke doelgroep hebben;
  • een duidelijk financieel kader hebben;
  • een duidelijke aansturing van de initiatieven hebben;
  • verankerd zijn in Beerse;
  • geen persoonlijk winstbejag beogen;
  • eventuele deelnamegelden beperken zodat ze geen drempel vormen voor deelname;
  • geen losse groepering zijn die een activiteit eenmalig organiseert.

De cultuurraad gaat in dialoog met de aanvrager en bespreekt daarin verschillende mogelijke vormen van ondersteuning, rekening houdend met het financiële plan en de mogelijke eigen inbreng van de initiatiefnemers. Naast financiële ondersteuning kan het gemeentebestuur immers ook ondersteuning bieden in de vorm van zaalhuur en uitleendienst. De cultuurraad formuleert een advies aan het college van burgemeester en schepenen, dat beslist over toekenning van de ondersteuning voor starters.

Artikel 11

Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks een maximaal 1.500 euro voorzien voor de ondersteuning voor starters. Voor het ondersteuningsbedrag per aanvraag wordt maximaal 250 euro voorzien. Dit bedrag wordt verspreid over 2 jaar waarin een vereniging erkend is als een startende vereniging. 


Hoofdstuk 3: Bestaans- en afdelingssubsidie

1. Bestaanssubsidie

Artikel 12

Alle erkende culturele verenigingen met een jaarprogramma komen in aanmerking voor de bestaanssubsidie.

Artikel 13

Met de bestaanssubsidie geeft het gemeentebestuur financiële uitdrukking van haar appreciatie voor het werk van de vrijwilligers in hun vereniging. Het bestuur wil de vereniging ook aansporen haar eigen werking te tonen om zo haar publiek te vergroten en te verbreden.

Artikel 14

Het gemeentebestuur waardeert elke erkende vereniging gelijk, daarom is ook de bestaanssubsidie voor elke vereniging gelijk.

De voorwaarden zijn:

  • in het afgelopen werkjaar minstens 2 van de 3 jaarlijkse bijeenkomsten van het cultuurnetwerk bijgewoond hebben;
  • voor het betreffende werkjaar geen nominatieve cultuursubsidie van het gemeentebestuur ontvangen;
  • uiterlijk 30 september:
    1. het jaarprogramma van het afgelopen werkjaar van de vereniging indienen;
    2. de bestuursgegevens van de vereniging indienen;
    3. aantonen dat de vereniging voldoet aan de erkenningsvoorwaarden zoals beschreven in het gemeentelijke reglement voor het erkennen van verenigingen.

Artikel 15

De subsidie bedraagt 250 euro en wordt toegekend en uitgekeerd uiterlijk 31 december volgend op de aanvraag.


2. Afdelingssubsidie

Artikel 16

Met de afdelingssubsidie ondersteunt het gemeentebestuur verenigingen die extra tijd en middelen investeren in een bepaald segment van hun leden, die aparte noden hebben en om een aparte aanpak vragen. Op die manier stimuleert de vereniging deelname van die bepaalde doelgroep aan haar activiteiten. Bij twijfel of een bepaalde afdeling van een vereniging in aanmerking komt voor de afdelingssubsidie, formuleert de cultuurraad een advies aan het college van burgemeester en schepenen, dat beslist over de toekenning.

Artikel 17

Om in aanmerking te komen voor een afdelingssubsidie, doet de vereniging een aanvraag uiterlijk 30 september. Ze dient daarbij het jaarprogramma van het afgelopen jaar in dat weergeeft welke activiteiten specifiek voor de afdeling georganiseerd werden. De vereniging geeft aan in welke mate de afdeling een afzonderlijke werking heeft en welke inspanningen ze levert om deelname aan de afdeling te stimuleren. 

Artikel 18

Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks maximaal 1.500 euro voorzien voor de afdelingssubsidie. Het voorziene bedrag voor de afdelingssubsidie wordt gelijk verdeeld over de verenigingen met een afdeling, met een maximumbedrag van 250 euro per vereniging. De subsidie wordt toegekend en uitgekeerd uiterlijk 31 december volgend op de aanvraag.

 

Hoofdstuk 4: Projectondersteuning

Artikel 19

Alle verenigingen en individuele initiatiefnemers die inwoner zijn van Beerse, komen in aanmerking voor ondersteuning voor activiteiten voor een ruim publiek.

Artikel 20

Met deze ondersteuning stimuleert het gemeentebestuur evenementen en activiteiten voor een ruim publiek, die voldoen aan volgende basisvoorwaarden:

  • De activiteit bevordert de maatschappelijke participatie van volwassenen, kinderen of jongeren in onze gemeente;
  • De activiteit streeft naar een inclusieve werking, zonder uitsluiting en discriminatie;
  • De activiteit vindt plaats in Beerse, tenzij het gaat om een uitstap naar een andere gemeente, waaraan vooral inwoners uit Beerse deelnemen en met een duidelijk educatief doel;
  • De activiteit heeft de uitdrukkelijke intentie om een ruim publiek van inwoners van Beerse aan te spreken. Dit komt tot uiting in de promotie voor de activiteit en de aanwezigheid van niet-leden op de activiteit;
  • De activiteit is financieel en praktisch haalbaar;
  • De eventuele winst van de activiteit wordt niet persoonlijk uitgekeerd;
  • De initiatiefnemer maakt de activiteit bekend via de website ‘Uit in Beerse’.
  • De initiatiefnemer vermeldt de ondersteuning van het gemeentebestuur in haar promotie en communicatie door gebruik te maken van het logo 'Uit in Beerse'.
  • De initiatiefnemer doet inspanningen om de activiteit toegankelijk te maken voor mensen in armoede en personen met een handicap;
  • De initiatiefnemer levert voldoende inspanningen om de veiligheid van de bezoekers te garanderen en voert de veiligheidsmaatregelen uit die het gemeentebestuur oplegt;
  • Voor deze activiteit ontvangt de organisatie geen andere vorm van gemeentelijke subsidie.

Artikel 21

Een activiteit die voldoet aan de basisvoorwaarden krijgt een ondersteuningsbedrag van 50 euro.

Artikel 22

De vereniging kan bovendien een bonus krijgen:

  •  indien er meer dan 50 bezoekers deelnemen: 50 euro;
  •  indien er meer dan 250 bezoekers deelnemen 100 euro;
  •  indien er meer dan 700 bezoekers deelnemen 250 euro;
  •  voor een vernieuwende, innovatieve activiteit: 50 euro.

De bonussubsidie voor bezoekersaantal is niet cumulatief. De meest passende subsidie wordt weerhouden op basis van het aantal deelnemers/bezoekers aan het project.

De ondersteuningsbonussen voor deelnemersaantal en voor innovatie kunnen wel toegekend worden aan eenzelfde activiteit.

Artikel 23

Uiterlijk 30 september moeten de aanvragen voor de activiteiten van 1 september tot en met 31 augustus van het afgelopen werkjaar ingediend zijn.

Uiterlijk 31 december worden de subsidies uitbetaald.

Artikel 24

Het verlenen van ondersteuning voor activiteiten voor een ruim publiek betekent niet dat het gemeentebestuur zelf aan de organisatie van de activiteit deelneemt. Het gemeentebestuur kan dan ook niet aansprakelijk worden gesteld bij afgelasting, ongevallen, schade enzovoort.

 

Hoofdstuk 5: Investeringssubsidie

Artikel 25

Alle erkende cultuurverenigingen komen in aanmerking voor de investeringssubsidie. De aanvrager is verplicht om in zijn werking winstgevende activiteiten te organiseren, om met die winst te kunnen investeren in zijn vereniging.

Artikel 26

Met de investeringssubsidie steunt het gemeentebestuur de verenigingen bij het investeren en het maken van kosten die een grote impact hebben op de financiële draagkracht van de vereniging. Het gaat daarbij om aankoop, onderhoud of herstelling van patrimonium of materialen die noodzakelijk zijn om de werking van de vereniging te waarborgen/ te versterken. 

Artikel 27

De aanvrager draagt zelf minstens 30% van de investering.

Artikel 28

Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks maximaal 6.300 euro voorzien voor de investeringssubsidie.

Artikel 29

Een vereniging kan het hele jaar door aanvragen indienen. De aanvragen worden verzameld en één keer per werkjaar beoordeeld. De beoordelingsperiode valt tussen 30 september en 30 november.

Nadat een vereniging een aanvraag doet voor een investeringssubsidie, gaat ze daarover in dialoog met de cultuurraad. Bij de aanvraag legt ze een motivatie en financiële raming van de investering voor, samen met een beschrijving van de financiële draagkracht van de vereniging, bewezen met een kasverslag van het laatste werkjaar, het kassasaldo en het laatste uittreksel van de bankrekeningen van de vereniging.

De cultuurraad doet een voorstel over verdeling van de eigen inbreng en subsidie op basis van het financieel verslag. De cultuurraad formuleert dit voorstel aan het college van burgemeester en schepenen, die beslist over toekenning van de investeringssubsidie.

Artikel 30

Nadat ze door het college van burgemeester en schepenen werd toegekend, wordt de investeringssubsidie uitbetaald na voorlegging van kostenbewijzen voor het toegekende bedrag. Wanneer de bewijsstukken voor 30 september worden voorgelegd, volgt uitbetaling uiterlijk 31 december. In het advies van de cultuurraad en de beslissing van het college van burgemeester en schepenen kan voorzien zijn dat de investeringssubsidie over meerdere jaren wordt gespreid.

 

Hoofdstuk 6: Cultuurpluim

Artikel 31

Alle erkende culturele verenigingen met een gevarieerd jaarprogramma die projectondersteuning aanvragen, kunnen genomineerd worden voor de Cultuurpluim.

Artikel 32

De Cultuurpluim is een extra ondersteuning voor de origineelste projecten van dat werkjaar, toegekend door de cultuurraad. De aanvrager motiveert bij zijn nominatie waarom het volgens hem gaat om een origineel project wat betreft concept, uitvoering, samenwerking, locatie enzovoort. De cultuurraad maakt per werkjaar één keer een selectie van de projecten die een cultuurpluim krijgen.

 Artikel 33

Van het totale beschikbare subsidiebedrag wordt jaarlijks minimaal 500 euro voorzien voor de Cultuurpluim. De Cultuurpluim bedraagt maximaal 500 euro per project.

 

Hoofdstuk 7: Verdeling van het eventuele restbedrag en werkwijze bij tekorten

Artikel 34

Indien het bedrag dat in een bepaald jaar beschikbaar is voor subsidie niet volledig werd toegekend volgens de eerdere bepalingen in dit reglement, wordt het restbedrag niet als subsidie toegekend.

Artikel 36

Bij een eventueel tekort worden de vaste bedragen voor de bestaanssubsidies, afdelingssubsidies en projectsubsidies proportioneel verminderd.

 

Hoofdstuk 8: Slotbepalingen

Artikel 37

Dit reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2026. 


Artikel 2

Het subsidiereglement "Ondersteuning van het socio-culturele gemeenschapsleven", goedgekeurd door de gemeenteraad op 22 december 2022, wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.