De kostprijs van administratieve stukken stijgt jaarlijks.
De prijzen van elektronische verblijfskaarten verschilt naargelang het soort kaart. We opteren er voor om de prijzen zoveel mogelijk eenvormig te houden per leeftijdscategorie.
Vreemdelingendossiers vragen steeds meer werk, we hebben extra tarieven voorzien voor bijkomende documenten.
Ook voor recente wijzigingen waar meer verantwoordelijkheid naar de dienst burgerzaken verschuift, hebben we extra tarieven voorzien.
De afgifte van allerlei administratieve stukken brengt financiële lasten met zich mee. Het wenselijk is de belasting op een correct niveau te bepalen om de financiële toestand van de gemeente gezond te houden.
Mevrouw Nancy Snels, schepen Burgerzaken, geeft toelichting bij dit agendapunt.
Stemmotivatie fractie Vlaams Belang:
De fractie stemt tegen:
Over dit punt en de volgende punten waarin nieuwe belastingen, verhogingen of indexeringen worden ingevoerd, wil Vlaams Belang ondubbelzinnig zijn: dit is een beleid ten koste van de Beersenaar en Vlimmeraar.
Als Vlamingen leven we vandaag al in het meest belaste land van de OESO. Onze mensen hebben geen marge meer. Toch kiest deze meerderheid ervoor om opnieuw in hun portefeuille te graaien. Terwijl hogere overheden — met dezelfde partijen of politieke families als hier — lonen en pensioenen bevriezen via indexsprongen, gaan we de belastingen plots wél indexeren? Dat is bijzonder wrang, getuigt van weinig schaamte en nog minder voeling met de realiteit.
Laat duidelijk zijn: ook Vlaams Belang wil de rekeningen op orde. Maar dat kan perfect zonder de verstikkende belastingdruk nog verder op te drijven. Bespaar liever waar dat wel kan en schrap in de vele honderdduizenden euro’s aan klimaatmaatregelen die een verwaarloosbare impact hebben op onze leefomgeving, maar onze inwoners wel enorm veel kosten. Snijd in overbodige uitgaven, niet in het vlees van de mensen.
Deze meerderheid kiest er echter opnieuw voor om de gemakkelijkste weg te nemen: de factuur doorschuiven naar de burger. Vlaams Belang kan en zal deze belastingverhogingen dan ook niet steunen.
De wet van 30 juni 1999 houdende het tarief van de consulaire rechten en kanselarijrechten en het Koninklijk Besluit van 21 december 2005 tot wijziging van de tarieven gevoegd bij de wet en de opeenvolgende wijzigingen.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en de latere aanvullingen en uitvoeringsbesluiten ter zake.
Het Koninklijk besluit van 15 december 1980 en het KB van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
Het Koninklijk Besluit van 1 september 2004 houdende de beslissing om de elektronische identiteitskaarten veralgemeend in te voeren en de daarop volgende omzendbrieven.
Het Koninklijk Besluit van 16 juli 2012 wijzigt bijlage 3 bis van het Koninklijk Besluit van 8 augustus 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
Het Koninklijk Besluit van 5 september 2018 tot wijziging van de bepalingen betreffende het voorlopig rijbewijs.
Het Ministerieel Besluit van 28 oktober 2019 tot wijziging van het ministerieel besluit van 15 maart 2013 tot vaststelling van het tarief van de vergoedingen ten laste van de gemeenten voor de uitreiking van de elektronische identiteitskaarten, de elektronische identiteitskaarten voor Belgische kinderen onder de twaalf jaar en de kaarten en verblijfsdocumenten, afgeleverd aan vreemde onderdanen.
De nota van 21 november 2013 van de FOD Mobiliteit en Vervoer aangaande de retributie voor het afleveren van een internationaal rijbewijs en aanvullingen.
De nota van 2 oktober 2025 van de FOD BIZA betreffende de vergoedingen ten laste van de gemeente voor de uitreiking van elektronische identiteitskaarten en documenten vanaf 1 januari 2026.
Het belastingreglement op het afleveren van administratieve stukken door dienst burgerzaken, goedgekeurd door de gemeenteraad op 25 januari 2024.
Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een belasting geheven op het afleveren van administratieve stukken door de dienst burgerzaken.
Artikel 2
§ 1. De bedragen van de belasting worden als volgt vastgesteld :
a) Afgifte van identiteitskaarten en -attesten:
1. Voor de afgifte van het elektronisch identiteitsdocument voor Belgische kinderen onder de 12 jaar (kids-ID):
2. Voor de afgifte van elektronische verblijfsdocumenten voor vreemdelingen jonger dan 12 jaar:
3. Voor de afgifte van een elektronische identiteitskaart of een elektronische vreemdelingenkaart:
4. Voor afgifte van papieren verblijfskaarten:
a) Een attest van immatriculatie voor niet-EU-burgers of een duplicaat hiervan: 10,00 euro
b) Een bijlage 35: 5,00 euro
c) Afgifte van paspoorten:
Aan personen ouder dan achttien jaar, inclusief vluchtelingen:
Aan personen jonger dan achttien jaar, inclusief vluchtelingen:
d) Afgifte van trouwboekje: 40,00 euro
e) Afgifte van rijbewijzen en voorlopige rijbewijzen bankkaartmodel: 25,00 euro
f) Afgifte van internationale rijbewijzen (geen bankkaartmodel): 25,00 euro
g) Afgifte van een verbintenis tot tenlasteneming (borgstelling t.o.v. een vreemdeling): 10,00 euro
h) Afgifte van een bijlage 15 bis, 19 of 19 ter, 41 bis van het KB van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen: 25,00 euro
i) Aanvraag Belgische nationaliteit: opstart dossier (bovenop de retributie bij de FOD): 100,00 euro
j) Voornaamswijziging:
Worden voor de eerste wijziging vrijgesteld:
k) Wijziging familienaam:
§ 2. Vanaf aanslagjaar 2027 worden de tarieven jaarlijks op 1 januari geïndexeerd volgens deze formule:
(basisbedrag 2026 x gezondheidsindex juni voorafgaand aan het aanslagjaar) / gezondheidsindex juni 2025.
De geïndexeerde bedragen worden afgerond volgens onderstaande afrondingsregels:
| Van | Tot | Afronding naar dichtstbijzijnde |
| 0,50 euro | 20,00 euro | 0,5 euro |
| 20,00 euro | 100,00 euro | 1,00 euro |
| 100,00 euro | 1.000,00 euro | 5,00 euro |
| 1.000 euro |
|
10,00 euro |
Artikel 3
De belasting is verschuldigd door de persoon waaraan het stuk op aanvraag of ambtshalve wordt uitgereikt door het gemeentebestuur.
Artikel 4
De belasting wordt geheven op het ogenblik van de afgifte van het belastbaar stuk. De aan de belasting onderworpen personen of instellingen die een verzoek tot het bekomen van een of ander stuk indienen, moeten op het ogenblik van hun aanvraag het bedrag van de belasting in bewaring geven indien dit document niet onmiddellijk bij de aanvraag kan afgeleverd worden. De particulieren en de privé-instellingen die wensen dat de gevraagde administratieve stukken per post worden toegezonden, moeten het bedrag van verzendingskosten vooraf aan de betrokken dienst overmaken.
Artikel 5
Deze stukken zijn vrijgesteld van de belasting:
Artikel 6
De belasting moet bij de aanvraag van het stuk onmiddellijk betaald worden tegen de afgifte van een betaalbewijs.
Als de onmiddellijke inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting een kohierbelasting.
Artikel 7
De vestiging en invordering van deze belasting en de regeling van eventuele geschillen gebeurt volgens de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen en de toepasselijke uitvoeringsbesluiten.
Artikel 8
Het belastingreglement "Belasting op het afleveren van administratieve stukken - Dienst Burgerzaken", goedgekeurd door de gemeenteraad op 25 januari 2024, wordt opgeheven vanaf 1 januari 2026.